Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4 CAJUS MARCIUS CORIOLANUS.

Tweede Burcer. Een woord, goede Burgers!

Eerste Burger. Ons rekent men voor arme burgers; de Edelen voor goede (burgers). Hetgeen de aanzienlyKen in overdaad verkwiften, zou ons uit den nood helpen. Indien zy ons het overtollige wilden geeven, dan zouden wy, dewyl het tot onze behoudenis zou ftrekken, moogen denken, dat zy ons menfchlievend onderfteunden; maar zy denken, dat wy te veel kosten. De behoeftigheid, die ons kwelt, die oorzaak van onze elende, is even als een regifter om hunnen overvloed ftukswyze aan tetoonen;ons lvden is wind voor hen. Laaten wy dit wreeken met onze pieken, éér wy zeiven piekftokken worden ; want het is de Goden bekend, dat ik dit zeg uit honger naar brood , en niet uit dorst naar wraak.

Tweede Burger. Zoud gy tegen Cajus Marcius in het byzonder wilien te werk gaan ?

Allen.

Tegen hem voornaamelyk; wanthy is een rechte bloedhond voor de Gemeente.

Tweede Burger. Bedenkt gy wel, welke diensten hy voor zyn Vaderland gedaan heeft?

Eerste Burger. Zeer wel; en wy zouden hem gewilliglyk den lof daar voor willen geeven, maar hy beloont zich zeiven door trotfch (daar op) te zyn.

Allen. Nu gy rcoet niet kwaadfpreeken.

Eerste Burger. Ik verzeker u, dat alles, hetgeen hy roemruch. tig gedaan heeft, hy zulks tot dat einde gedaan heeft. Offchoon zachtaartige menfchen te vreden zyn met te zeggen, dat dit voor zyn Vaderland

Sluiten