Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL.

te rug keerde de wenkbraauwen overfchaduwd met eikenloof. Ik kan u zeggen, Dochter, dat ik niet meer verrukt was van vreugd, toen men my zeide, dat het een mannelyk kind was, dan toen , wanneer ik voorde eerfte maal vernam, dat hy getoond had een man te zyn.

Virgin ia.

Maar, indien hy in dien oorlog gefneuveld was, Mevrouw, wat zou het dan geweeilzyn? Volumnia.

Dan zou zyn roemruchtige naam my tot een' zoon geftrekt hebben, daarin zou ik dan eene nakomelingfchap gevonden hebben. Hoor, dit kan ik u met oprechtheid bekennen. Indien ik twaalf zoonen had, die ik allen even zeer beminde, en niet een van allen minder dan uwen en mynen waarden Marcius, dan zou ik liever hebben, dat elf van dezelven moediglyk voor hun Vaderland fneuvel. den, dan dat een zyn' leeftyd in werkeloosheid wellustiglyk verkwiftte. (Eene kamerjuffer komt op bet tooneel,)

Kamerjuffer. Mevrouw, daar komt Mevrouw Valeria om u een bezoek te geeven.

V1r gini a.

Ik bid u, Mevrouw, vergun my,dat ik vertrek. Volumnia.

Neen, gy zult voorzeker niet (vertrekken'). My dunkt, dat ik hier den trommel hoor van uw' ge-, maal; dat ik hem Aufidius by de haairen langs den grond zie fleepen , en de Volfcers voor hem vluchten als kinderen voor een' beer. My dunkt ik zie hem dus ftampvoeten, (zy jlampt met den voet) en ik hoor hem uitroepen: Komt voort, bloodaarts, gy zyt in vrees geteeld ^ fchoon gy in Romen geboren zyt. (Ik zie hem) zyne bebloede wenkbraauwen met zyne gewapende hand afveegende, aan. rukken, even als een maaijer, die aangenomen is S 2 om

Sluiten