Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ao CAJÜS MARCIUS CORIOLANUS.

om alles ter neder te Haan , of zyn dagloon te verliezen.

VlRGINIA.

Zyne bebloede wenkbraauwen o Tnpiter, geen bloed I

Volumnia. Gaa heen, dwaaze; bloed voegt beter aan een' man dan goud aan zyne zegetekenen. De borst van Hecuba zag 'er niet minnelyker uit , toen zy Heftor zoogde, dan bet voorhoofd van Heétor, toen het bloed uitfpoot tegen de zwaarden der Grieken. (Tegen de Kamerjuffer.') Zeg aan Valeria, dat wy gereed zyn om haar te verwelkomen. (De Kamerjuffer vertrekt.)

VlRGINIA.

De Hemel bewaare myn Gemaal voor den verfchrikkelyken Aufidius!

Volumnia.

Hy zal het hoofd van Aufidius onder zyne knie doen bukken, en hem op den nek treeden. (Valeria komt op het tooneel verzeld van een' Geleider en eene Kamerjuffer.)

Valer i a.

Mevrouwen , ik wenfch u beide een' goeden dag.

Volumnia. Waarde Valeria.'

VlRGINIA.

Mevrouw, ik ben verblyd u te zien.

Val e r ia.

Hoe vaart gy beide? Gy zyt waarlyk uitmuntende huisvrouwen- Zit gy hier te borduuren ? Waarlyk eene nuttige bezigheid. (Tegen Virginia.) Hoe vaart uw zoontje.

VlRGINIA.

Ik dank u, Mevrouw. Hy vaart zeer wel.

Volumnia. Hy ziet liever een bloot zwaard, en hoort liever

Sluiten