Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL.

59

riolanus behooren niet met eene flaauwe flem verhaald te worden. Men'Helt vaft, dat de dapperbeid de voornaamfte deugd is, en die baaren be. zitter het meeft vereert, Indien dit waar is, dan is 'er niemand in de gebeele waereld te vinden, die den man, van wien ik fpreek, kan opweegen. Op zyn zeftiende jaar, toen Tarquinius met eene legermagt voor Romen kwam, flreed hy veel dap perder dan anderen; onze toenmaalige Dictator, v n5 j met den ëroofteD eerbied gedenk, zag hem ftryden , toen hy met zyne Amazoonenkingeborftelde lippen voor hem deed vluchten; hy Helde zich fchrylings over een' verflagen' Romein , en verfloeg, in het gezicht van den Burgemeefter drie mannen van de tegenparty; hy ontmoette Tarqui. jiius zeiven, en wondde hem aan de knie. In dien leeftyd, toen hy nog zeer wel eene vrouwenrol op het tooneel zou hebben kunnen vertoonen, betoon, da by zich den dapperften man in het veld en voor zyne belooning wierd zyn voorhoofd met eikenloof verfierd. Zyne jongelingsjaren namen zulk een mannelyk begin, dat hy toenam als de zee , en naderhand heeft hy in zeventien gevaar lyke veldflagen alle zwaarden den zegenkrans ont rukt. Wat aangaat deezen laaften voor en in Corioli, ik moet zeggen, dat ik dien niet naar waer. de kan roemen; hy hield de vluchtenden ftaande en maakte door zyn verwonderlyk voorbeeld dat bloodaarts den fchrik voor kinderfpel hielden. Het volk gehoorzaamde hem als de golven een zeilend fchip , en bukten onder zyn roer. Zyn zwaard, het zegel van de dood, nam, overal daar het ingedrukt wierd, alles weg van het hoofd tot de voeten. Hy was een bloedftortendwerktuig, waarvan elke beweeging door eene doodkreet verpoosd wierd. Hy drong alleen in de doodelyke poort der Stad welke hy met onvermydelyk verderf verwde; hy keerde door niemand geholpen terug, en overviel ,

ais

Sluiten