Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

io8 CAJUS MARCIUS CORIOLANUS.

den op u zoud genomen hebben, om uwen ech'genoot van die moeite te ontheffen. Cominius, treur niet: vaarwel. Vaartwel, myne echtgenoote en moeder! het zal my daarom niet kwaa. lyk gaan. En gy , oude, braave Menenius, uwe traanen zyn. zyn zouter dan die van jonge iieden, en doodelyk voor uwe oogen. Myn gewezen Veldheer, ik heb u fteeds onvtrfchrokken ge zien, en gy zyt menigmaal ooggetuige gt-weeft van hartverhardende fchouwtooneeien. Zeg aan deeze bedrukte vrouwen, dat het even dwaas if onvermydelyke rampen te befchreijen als die tebelachen. Gy weet, Moeder, dat myne gevaaren altyd uw trooft geweeft zyn, en houd u daarvan verzekerd , dat, fchoon ik alleen gaa, gelyk een eenzaame draak, wiens moeraflïg verblyf van een' ieder' gevreesd, word, en waarvan men meer fpreekt dan by gezien word, uw zoon echter het gemeene menfchdom zal overtreffen, of door bedrieglyke liften en ftreeken gevangen worden.

Volumni a. Myn groote zoon, waarheen wilt gy gaan ? Laat de braave Cominius u eeue poos verzeilen; maak liever een bepaald ontwerp, dan dat gy uligtvaardiglyk. blootftelt aan elk toeval, dat zich voor u opdoet.

Coriolanus.

o Goden!

Cominius. Ik zal u eene maand lang verzeilen, en met u oveileggen, waar gy uw verblyf zult vtftigen, opdat gy van ons tyding moogt kunnen krygen, enwy van u. Als dan de tyd eenige rede voor uwe terugroeping zal opleveren, dan zullen wy nietdoar de geheele waereld behoeven rond te zenden om naar één' eenigen man te zoeken, en dus het voordeel verliezen, dat altoos verfiaauwt, wanneer de" geen, die het noodig heeft ver van de hand is.

Co-

Sluiten