Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL; 11$

zyn, en ik ben, dunkt my, de man, die hen fchie» lyk werk zal verfchaften. Derhalven, myn vriend , zyt gy my van harte welkom, en ik verblyd my over onze ontmoeting.

Vo lsc e r. Gy befpaart my de moeite, vriend, en dus heb ik de meefte rede om daarover verblyd te zyn» Romein.

Kom laaten wy te zaamen gaan. (Zy vertrekken.)

VIERDE TOONEEL.

Coriolanus, in eene geringe kleeding, vermomd, en in zyn kleed gewikkeld. Een Burger.

Coriolanus, (alleen ) Dit Antium is eene fchoone ftad. —-oStad, ik ben het, die uwe vrouwen tot weduwen gemaakt heeft; ik heb menigen erfgenaam van deeze fchoone gebouwen onder myne flagen hooren zuchten en bukken; ken my derhalven niet, opdat uwe vrou. wen my niet met fpeekfel, en uwe kinderen met fteenen in een' volksftryd verflaan. (Een Burger komt op bet tooneel.) Goeden dag, vriend. Burger.

U ook.

Coriolanus. Onderrecht my, zo het u behaagt, waar de groote Aufidius gelegerd is. Is hy in Antium ?

Burger.

Ja, en hy geeft deezen avond een gaftmaal aan de voornaamfte Edelen.

Coriolanus. Toon my zyn huis, bid ik u.

Burger. Daar ftaat het, recht voor u.

H 2 Co.

Sluiten