Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

178 AANM. of CAJUS MARCIUS CORIOL.

bet Leven van Coriolanus door Plutarchus befchre. ven. daar de gemelde Schryver, van Coriolanus lpreekende , niet alleen gewag maakt van zyne voor* ~ zaaten, maar ook van zyne nakomelingen, en dus heeft de drift, die onzen Schryver bezielde , hera waarfchynlyk geen' tyd overgelaten om alles naauwkeurig na te gaan , en dit is waarfchynlyk de re de, waarom hy de eenen met de anderen verward heeft. Men vind meer voorbeelden van dergelyke onoplettendheid by Shakefpearc; zoals in het eerfte deel van Hendrik den Vierden, daar eene lyftopgegeven word van Edelen, die in de vlakte van Ho'.* Hiedon krygsgevangen gemaakt waren; daar zegt hy:

Mordake Graaf van Fife, en oadfte zoon van den verflagen' Douglas. ——•

Nu was de Graaf van Fife geen zoon van Douglas, maar van Robert Graaf van Albany, Stede» houder van Schotland. Hy beeft deeze lyft overge nomen uit de Chronyk van Holing&head, wiens woorden aldus luiden, „ en onder de Krygsgevan„ genen waren ook, Mordack, Graaf van Fife» ,, zoon van den Stedehouder, Arkimbald Graaf Dou» „ glas, " enz. Dit heeft den Dichter in de verbeelding gebragt, dat de Stedehouder en Graaf Douglas dezelfde perfoon waren.

Thioiald en Dr. Warburton. Fag. to. Reg. 19.

de boom en bet geloei, Dit is eene aanfpeeling op de voorige uitdrukking van Coriolanus, daar hy den Gemeensman den Triton der Spieringen noemt.

Da. Warburton.

Ibid- Reg. 15, 14.

laat dan uwe onkunde voor hem bukken; Onkunde werd hier gefteld voer envermoogen,

de-

Sluiten