Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIESPEL. aös

Shallow. Zwyg, kaerel, zwyg. Gaa ter zyde. Weet gy wel, waar gy zyt? Nu, een ander, Sir Johan; — laat zien, — Simon Shadow»

Falstaff. la, waarachtig, dien moet ik hebben om 'er cm. der te zitten; die zal waarfchynlyk een koel toldaat weezen.

S hallow.

Waar is Shadow?

Shadow.

Hier, Mynheer.

Falstaff. Wiens zoon zyt gy, Shadow?

Shadow. De zoon van myne moeder, Sir.

Falstaff. De zoon van uwe moeder.' Nu.dat is zeer waar. fchynlyk; en de fchaduw van uw' vader; zodat do zoen van de vrouw de fchaduw van den man dit is dikwyls inderdaad waar, offchoon bynietui* des vaders zelfsftandigheid is.

Shallow. Hebt gy zin in hem, Sir Johan t Falstaff. Schaduw is goed in den zomer; teken hem op; wy hebben buiten hem reeds veele fchaduwen op de Monilerrol.

Shallow.

Thomas Wart.

Falstaff.

Waar is hy ?

Wart.

Hier, Sir.

Falstaff. Is uw naam, Wart.

Wabt.

Ja'Slr* K4 Fal.

Sluiten