Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

a8a

HENDRIK de VIERDE

Mowbray. Laaten wy dan in Gods naam gaan, zo uwe Hoogwaerdigheid het goedvind.

York.

Gaa gy vooruit om zyne Genade te begroeten. — Wy zullen volgen, Mylord.

VIERDE TOONEEL.

[ De Voorigen, Prins Johan van Lancaster.

Lancaster. Welkom hier, myn goede Neef Mowbray. Ik wenfch u een' goeden dag, Mylord Aartsbisfchop; en u Mylord Haftings, en allen de overige Lords. Mylord York, het zou veel beter ftaan, dat uwe Gemeente, door de kerkklok byeen geroepen, u omringde om met eerbied Gods heilig woord door u te hooren uitleggen, dan u dus hier te zien als een' yzeren' man , die een'hoop oproerigen met den trommel byeen vergadert, denherderftaf voor het zwaard verwisfeit, en het woord des levens voor de alvernielende dood. Indien een man, die in het hart des Konings geworteld is, en in den zonnefcbyn van deszelfs gunft opgroeit, van dit groot voorrecht een misbruik wilde maaken, helaas' hoeveel rampen zou die niet te weeg kunnen brengen onder de fchaduw van zulk eene grootheid I En dit is juift uw geval. Mylord Aartsbisfchop. Wie is'er. die niet heeft hooren zeggen hoe kundig gy zyt in Gods heilig woord, dat gy voor ons de fpreeker zyt van zyn Parlement, de zinnebeeldige ftem van hemzelven, de uitlegger en de bemiddelaar tusfchen de Goddelyke Genade en de hemelfche Heiligen, en onzeflechte daaden? Wie kan toch anders denken , dan dat gy een misbruik maakt van Ce eerwaerdig-

Sluiten