Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

184 HENDRIK di VI ERDE

Lancaster. Mylord Haftings, uw dieplood is te kort, ja vee! te kort, ooi de diepte van den toekomenden tyd te peilen.

Westmoreland.

Zou het uwe Genade nu behaagen hen ftellig antwoord te geeven, in hoeverre gy hunne voorgemelde artikelen goedkeurt?

Lancaster.

Ik keur die allen goed, ik item volkomen daarin toe, en zweer thans by de eer van myn geflacht.dat men de inftellingen van myn' Vader verkeerd heeft opgevat, cn dat eenigen dergeenen, die hem omringen , zyne waare meening en magt al te fchande. lyk misbruikt hebben. Mylord, deeze bezwaaren zullen ten fpoedigfte herfteld worden; by myn leven, zy zullen herfteld worden. Indien gy dit goedkeurt, zend dan uwe manfchap een' ieder' naar zyn huis, gelyk wy de onze zullen doen; en laaten wy hier, tusfehen de twee legers, eikanderen vriendelyk toedrinken en omhelzen, opdat aller oogen deeze tekens van onze herftelde genegenheid en vriendfehap met zich naar huis moogen draagen. York.

Ik houd u aan uw vorftelyk woord voor de herHelling van onze bezwaaren.

Lancaster. Ik geef het u, en zal het geftand doen; en hierop zal ik het uwe Hoogwaerdigheid toebrengen. Hastings, (tegen Colevile.) Gaa heen, Kapitein, breng aan het leger deeze tyding van vreede; betaalt hen, en laaten zy af. trekken. Ik weet, dat hen dit wel aangenaam za[ zyn. Spoed u, Kapitein.

(Colevile Vertrekt) York.

Ik breng het u, edele Lord Weftmoreland.

West-

Sluiten