Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3io HENDRIK de VIERDE.

Falstaff.

Dat is een teken van een vrolyk hart. Myn goede Heer Silence, daarvoor zal ik het u eens toebrengen. 4 Shallow. Geef wyn aan den Heer Bardolph, David.

David, (tegen Bardolph.) Zet u neder, myn goede Heer, zet u neder; ik zal op het oogenblik weder by u zyn; zet u, myn goede Heer. — Heer Pagie, myn goede Heer Pagie, zet u toch; —proficiat', hetgeen 'er van eeten ontbreekt, zullen wy met drinken vergoeden; maar gy moet het neemen, zoals het valt; een goed hart is alles. (Hy vertrekt.)

Shallow. Wees vrolyk, Heer Bardolph; én gy ook, myn jonge Krygsman, wees vrolyk.

Silence, (zingende.) „ Wees vrolyk, wees vrolyk, het wyf is de baas; 'tZy groot,of 't zy klein, 'tmaakt altoos geraas; 't Is goed zyn in 't huis, Daar men hoort gedruis; Welkom, welkom, Vaftenavond." Weeft vrolyk, weeft vrolyk, Vrienden.

Falstaff. Ik had niet gedacht, dat onze Heer Silence een zo vrolyk Man was.

Silence.

Wie, ik? Ik ben in vroeger' tyd wel twee of driemaal zo vrolyk geweeft. (David komt terug.) David, (tegen Bardolph en den Pagie,) Daar is een bord met Renetten voor u. Shallow.

David' •—■

David:

Wat begeert uwe edelheid. —— Ik zal op het oogenblik by u zyn. — Een glas wyn, Mynheer?

Sr-

Sluiten