Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIESPEL. 83?

„ mandragora". Zynde dit eene aanfpeelingopeeu oud bygeloof.dat naamelyk de wortel van het kruid Mandragora, by het opgroeijen de gedaante van een klein Dwergje aannam*

vertaaler»

Pag. 201. Reg. 7.

Koninglyk Aangezicht. Dat Is, voor een Aangezicht, dat door geene gemeene handen mag aangeraakt worden.

Dl. Johnson.

Ibid. Reg. r,i. (van onderen) en Pag. 202. Reg. 1,2.

Want by beeft den boom des overvloeds, en bet licht van zyne vrouw fcbynt 'er door, en nog kan by niet zien, fchoon wy zyne eigene lantaren hebben om hem voor te lichten.

Deeze boert is klaarblykelyk overgenomen, uit die Plautus \ Quo ambulas tu , qui Vulcanum in cornio conclufum gens ? Amphitr. Act» 1. Sc. 1. Het is zeker, dat Piaütus hier met het woord ccrnn, hoorn, heeft willen fpeelen, want, dat dit woord in een' kwaaden zin te duiden reeds zeer oud is, blykt uit Artemidorua'Owip. Bt'(3»\. 0. KsCp t(3, daar hy zegt: ripoeiTTêiV a'vTw 'óri ij yvvii ai nopvtvssi, %ai rp ï-iyintvoVy xép«r« üvtüó TTonjtrci, Dat is: ,, Hem „ voorfpellende , hoe zyne buisvrouw hoereerea „ zou, en zeggende„ dat zy hem hoorns zou op» „ zetten", enz,

Dr. Warburton..

Pag. 202. Reg. 8.

Ik kocbt hem in Paul's.

Dit was ten tyde van onzen Dichter de verga, derplaats van lediggangen, en ridders van den re. genboog. Da. Warburton/

Pag. 207. Reg. i2»»-i9.

Gy volgt den jongen Prins .op en neder, tals een kwqade engel.

Falstatt. Niet ze, Mylord, uw engel is Hebt; maar ik dur.

Sluiten