Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

362 VEEL LEVEN ovee NIETS.

Leonato , (tegen den Prins.) Behaagt het uwe Hoogheid ons voor te gaan »

Don Pedro. Geef my uwe hand, Leonato; wy zullen rezaa. men gaan.. (Zy vertrekken allen bebalven Claudit en BenediSo.)

DERDE TOONEEL;

Claudio, Benedicto.

Claud io. Benedicto hebt gy de Dochter van Leonato wel gemerkt ?

Benedicto. Ik heb haar niet gemerkt , maar ik heb haar aangekeken.

Claudio. Scbynt zy uniet eene welgemanierde Juffer te zyn.

Benedicto. Vraagt gy my dit, gelyk een eerlyk man behoort te doen, om myn oprecht en eenvoudig gevoelen te hooren, of wilt gy, dat ik naar myne gewoonte zal fpreeken als een gezworen vyand van haare fexe ? Claudio.

Neen, fpreek in goeden ernst, alt ik u bidden mag.

Benedicto. Nu dan;my dunkt zy is te laag voor een'hoogen lof, te bruin voor een'zilverblanken lof ,en teklein voor een* grooten lof; ik kan enkel dit getuigenis van haar geeven, dat, zo zy anders was dan zy is, dan zou zy niet bevallig zyn, en, dat, nu zy niet anders is dan zy is, zy my niet bevalt.

Claudio.

Gy denkt, dat ik boetten wil; maar, eilieve, zeg my oprechtelyk, hoe zy u voorkomt.

Bi*

Sluiten