Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

$io VEEL LEVEN over NIETS.

om hem en liaan tevens hem om de ooren ; ik ben verzekerd, dat hy mede in de vloot is, en ik wenfchte wel, dat hy my aangeklampt had.

Benedicto.

Zo haast ik dien Heer zal kennen, zal ik hem verhaalen wat gy zegt.

Beatrice.

Goed, doe dat, hy zal enkel eene of twee gely kenisfen op my den hals breeken; en wanneer die by toeval niet opgemerkt worden, of niet daar over gelachen word, dan word hy droefgeestig, en dat befpaart ten minfte een' vleugel van eene patrys, want dan eet de gek dien avond niet Kom, wy moeten onze aanvoerders volgen. (Men boert muziek van binnen.)

Benedicto. In alles, dat goed is.

Beatrice. o, Zo zy ons tot iets kwaads zoeken te vervoeren; dan verlaat ik hen by den eerften tour. (Zy vertrekken.)

DERDE TOONEEL;

Don Joan, Borachio, Claudio vermomd.

Don Joan. Voorzeker is myn Broeder verliefd op Hero, en hy heeft haar' Vader ter zyde getrokken om met hem daarover te fpreeken; de Juffers zyn hen gevolgd, en daar is maar één Masker hier gebleven. '

B o r achio.

En dat is Claudio, ik ken hem aan zyne houding.

Don Joan, (tegen Claudio.) Zyt gy niet Signor Benedicto ?

Claud i o. Gy kent my zeer wel, Mynheer» ik ben het zelf.

Don

Sluiten