Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

38* VEEL LEVEN ovïr NIETS.

Benedicto, Naar dien gintfchen wilgenboom, om uw eigen belang, Graaf. Op welke wyze wilt gy de bloemfestoen draagen ? Om uwen hals gelyk de gouden keten van een' woekeraar t Of onder den arm door gelyk de fjerp van een Luitenant? Gy moet die op de eene of andere wys draagen, want de Prins heeft uwe Hero verkregen.

Claudio. Ik wenfch hem veel geluk met haar.

Benedicto. Nu , dat is gefproken als een eerlyke osfenweï. der; zo verkoopt men de osfen; maar kunt gy den* ken, dat de Prins u dus zou behandeld hebben? Claudio. Ik bid u, Iaat my alleen.

Benedicto. Oho .' Nu doet gy even als de blindeman ; de jongen heeft uw eeten geftolen, en gy Haat de post van de deur.

Claudio.

Als gy my niet verlaaten wilt, dan zal ik u ver. laaten. (Hy vertrekt.)

Benedicto, (alleen.)

Ach' dat arm aangefchoten duikertje 1 nu zal het onder het kroos kruipen.-— Maar, dat Juffer Beatrice my kent, en niet kent! Ik de grappenmaaker van den Prins I — Ha l het kan zyn, dat ik onder dien naam doorgaa, om dat ik kluchtig ben, — ja wel, maar zie, zo ben ik in ftaat om myzelven te benadeelen; ik ftaa daar voor niet te boek. Het is alleen de laffe, fchoon bittere denkwyze van Beatrice, die de waereld in haare perfoon wil verbeelden , en my daar voor uitgeeft j nu ik zal my wreeken zo haast ik zal kunnend

VIERDE

Sluiten