Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S L T S P E L. 383

VIERDE TOONEEL.

Benedicto, Dos Pedro.

Dok Pedro. Wel nu, Signor, waar is de Graaf ? Hebt gy hem gezien?

Benedicto.

Voorzeker, myn Prins, ik heb de rol van Juffrouw Fama gefpeeld. Ik vond hem hier zo melancholiek: als een jagershuisje in een bosch; ik zeide hem , £en ik geloof, dat ik hem de waarheid zeide, ] dat uwe Hoogheid de gunst van de jonge Juffer gewon* nen had, en ik verzocht hem, dat hy my zou ver*] zeilen naar dien wilgenboom om hem of een festoen te maaken, om dat hy verlaten was, of om eeno roede voor hem te binden, om dat hy waerdig ie geflagen te worden.

Don Pedro.

Geflagen te worden < Wat heeft hy dan misdaan f Benedicto,

De lompen fout van een' fchooljongen; die ver*' voerd van blydfchap , om dat hy een vogelnestje gevonden heeft, het zelve aan zyn' makker wyst, die hem dat ontfteelt.

Don Pedro.

Noemt gy het vertrouwen eene misdaad ? De misdaad is by den dief.

Benedicto.

Dan zou het evenwel nog goed geweest zyn, dat de roede gemaakt was geweest en de festoen ook; want de festoen zou hy zelf hebben kunnen draa. gen, en de roede zou hy aan u kunnen beiteeden, die [zo als het my voorkomt] zyn vogelnestje ge. fiolen heeft.

Don Pedro. Ik wil hen flechts leeren zingen, en dan aan den eigenaar terug geeven.

Be-

Sluiten