Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

451 VEEL LEVEN over NIETS.

Op deeze wys voer zy een geheel uur lang voort met uwe byzondere begaafdheden te verdraaijen, eindelyk befloot zy met een' zucht, dat gy de aartigfte man van geheel Italiën waart.

Claudio.

En dit befchreide zy recht hartelyk; en zeide, dat het haar niet fcheelen kon.

Dow Pedro. Ta, dat deed zy, en by dat alles voegde zy nog, dat, indien zy hem niet doodelyk haatte, zy hem tederlyk zou beminnen ; de Dochter van den ouden Heer heeft ons alles verhaaldClaudio.Alles, alles, en dan nog voegde zy daarby: God zag hem, toen hy zich in dea hof verfcholen had. Don Pedro. Maar, wanneer zullen wy de hoorns van den wilden ftier op het hoofd van den tammen Bene* diéto planten ï

Claudio. Ta, en daaronder fchryven: Dit is Benedifto de getrouwde man?

Benedicto.

Vaarwel, Jongman, gy weet myn beiluit;ik zal U thans in uwen praatzieken luim laaten ;gyfchermt met uw vernuft als bluffers met hunne degens, zonder, Goddank, iemand kwetfen. (tegen Don Pedro,') Myn Prins, ik dank u voor uwe veelvuldige beleefdheden ; ik moet de verdere verkeering met u afbreeken ; uw baftaardbroeder is uit Mesfina gegevlucht, gy hebt met eikanderen eene lieve en on» fchuldige Juffer vermoord. En wat deezen Heer Melkmuil betreft, hy en ik zullen eikanderen vinden ; en tot dien tyd toe wenfch ik hem den vree. de. (Benediüo vertrekt.')

Don Pedro.

Hy fpreekt in ernft.

Cl au.

Sluiten