Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B L t S P È L.

Pag. 387. Reg. I7»i6- (van onderen.) Zo raakt ieder in de waereld, en ik ben verbrand Van de zon. , Wat wil dit zeggen: „ zo raakt teder m de waereld*" Misfchien betekent het, door het huwe. lyk in een' bepaalden ftand gevestigd worden; maar wat wil dit dan zeggen, dat de ongehuwde Jufter zegt , dat zy van de zon verbrand is ? Ik zou den. ken, dat men voor world, waereld, woed, bosch, behoort te leezen ; en dat Beatrice wil zeggen: Zo vind ieder eene fchaduw en ik zit in het open veld te verbranden van .de zon.

Da. Johnson.

Pag. 304. Reg. 17.16.

En haar haair van die kletir gelyk het God behaagt.

Dat is te zeggen-. Zy zal het niet verwen- EenS aanfpeeling op eene gewoonte van dien tyd, van het haair te verwen, wanneer het niet van die kleur was, welke meest geacht wierd.

Da. Warburton.

Pag. 407. Reg. 16,15» 14. N onderen.)

Was hy bruin, welnu, dan bad de Natuur naar een" Arlekyn willen fcbilderen, en dus een lelyk abuis begaan . ,

De Arlekyn was eene kluchtige Perfonadie-in do oude Tooneelfpelen , met een zwartgemaakt aangezicht, en een kleed van lappen van allerhande kleur. Hieruit blykt, dat 'er onder het algemeen eenige denkbeelden, by overlevering, zyn overgebleven van de Mimi der Ouden , die door Jpulejus dus befchreven worden : Mimi centunculo, fuligme faciem cbduüi, dat is: De Mimi waren bekleed met een kleed van veelverwige lappen , en m het aangek zicht met roet befmeerd.

Da. Warburton.

Pag. 409. Reg. 13.

Zy zit al aan bet lym vajt. Urfula zinfpeelt hier op de manier van vogelen;

Sluiten