Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X 4i X

en doelwit, vreedzaam verbonden zijnde door de liefde en de ootmoed; en, zeer wel weetende, waar bet hun haperde, leert hij hen over geweezen Jood en Heiden, en over het doelwit, en de duuring, der buitengewoone gaven, op eene verftandiger en chrif-

telijker wijs te denken, van het 4/. vs. af; ■ alle de

bekeerlingen maakten flechts één lichaam, ééne maatfchappij, en de echte geest van het Chriftendom was éénerlei; van dezelfde befremming, denzelfden zaligmaker, dezelfde geloofsleer, en dezelfde zalige hoop hebbende, waren zij reeds van den doop af tot één lichaam vergaderd, en hoe onnatuurlijk was dan de twist der Leden ? immers was nu, naar het 6*i vs., de God der Jooden ook die der Heidenen, de éénigen God noemde hen allen, onder de nieuwe huishouding, zijne kinderen, zijne vrijmagt was boven allen, zijn plan voerde hij uit door allen, en de bewijzen zijner genadige liefde waren in allen. Het was wel zoo, die bewijzen, de gaven, die elk omring, verfchUden merkelijk in aart en trap, maar, verre van hier over nijdig te weezen of te twiften, moeiten zij, door een dankbaar beruften, hunne gehoorzaamheid aan Jesus toonen, die aan elk zoo veel geeft, als hem,- naar onbegrensde wijsheid, goed dunkt, wien de Vader, als middelaar, gefïeld heeft tot den uitdeeler zijner goederen; dit fchijnt mij , met meest alle de uitleggers , de zin te weezen van vs. 7 , elk van ons is de genade gegeeven naar de maat der gave van Chrijlus, of Gij moest anders, met een geleerd man (a), dezelve in deezer voege verklaaren: „ Gij behoort oot„ moedig te zijn, en geene hooge dingen te begee„ ren; want de weg, om Gods gaven te verkrijgen, „ is ootmoed, en alles reegeit zich in de huishouding'

„ der

00 Qederuï, Sijntagm. Obferv. S p. 6S4,

c s

Sluiten