Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X 66 X

lijken Geest, zijn onder de hoofdwaarheden, die wij verdeedigen, van welker gewigc wij U overreeden, in welker geloof wij U verfterken moeten •, maar, wat inwendige broedertwiften aangaat, over een woord, en naamen, en vraagen, zo iemand twijlen wil, wij hebben die gewoonte niet, noch ook de gemeente Gods.

2.) De tweede aanmerking is deeze: In het vervolg, bij de ftukswijze behandeling, zal'er wel niemand ,zijn onder U, voor wien deeze Leerredenen niet nuttig en niet verftaanbaar weezen zouden, zij zullen de hoofdwaarheden betreffen van den Godsdienst , dien gij belijdt en waar in gij orderweezen zijt, alles zal dus daar in duidlijk en voor uw geheugen gefchikt zijn: Maar zoo kan het voor allen niet zijn met het geen ik nu nog te zeggen heb, waar in wij meer vreemde ftreeken doorreizen , aan veelen uwer onbekende naamen noemen, gevaarlijke maar onbekende Vijanden ontdekken moeten, en een vak van fchrijvers en boeken wijzen, waar in de meeften uwer, of door het vreemde der taal, of door het nieuwe en ongewoone der leezing, niet zeer geoeffend zijn. — ik zal daarom zorgen, dat gij binnen kort geleegenheid hebt om het geen ik U nu zeggen zal, tot eene handleiding in het vervolg te gebruiken, en noodig nu nog, zoo veel mogelijk , Uwe aandacht tot de overweeging der volgende vraagen:

A. Wie zijn de Vijanden, die-wij te beftrijden hebben, en ons, in het plan, als nieuwe Arrianen, Socinianen, nieuwe hervormers of Opklaarers, en llluminaten, zijn opgegeeven ?

B. Uit

was, ziet de Handel, van het Walsch Sijnode, Ao. 17°7«

Laaten wij elkander niets verwijten, maar de waarheid

enden vrede liefhebben, en het als onze Zinfpreuk kieeen; de Heere is v'Rede.

Sluiten