Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B. Uit welke gronden handelen zij? en, is hunne aanval gewigtig ?

C. Door wat middelen en wegen breiden zij zich uit? en welke voorderingen hebben zij in de weereld gemaakt?

D. Wat is in andere Geweften, en in ons Vaderland reeds gedaan om hunnen aroom te keerenf

E. En eindelijk: op wat wijze worden zij gelukkigst bedreden? en, op wat wijze zullen wij dienen te werk te gaan in de uitvoering van ons plan ?

A.

Wanneer ik U de hedendaagfche btftrijders van den Godsdienst der Proteftanten noem , in tegenftelling van de oude Vijanden, waar tegen onze gewoone Leerboeken, onze Dogmatifche en Polemifche fchriften, zijn ingericht, dan noem ik U geene gereegelde benden, die onder een bekend hoofd, of onderfcheiden veldteeken, tegen ons in aantocht zijn, maar veel eer een aantal ligte Troupen, die dan hier, dan daar, een aanval waagen op die plaatzen, die hun toefchijnen de zwakfte en het minst verdeedigbaar te zijn, Arabifchc horden, en ftroopende Nomaden, die met een vreeslijk gefchrei aanvallen, en bij de verovering eener zwakke voorpost, die zich of niet kon, of niet vilde verdeedigen, zich beroemen als of hun niets meer in den weg, en eene volkoomen overwinning bevogten was. Gij verftaat mij: de lieden, waar mede wij te doen hebben, hebben geen éénvormig plan, veel min een zamenhangend Sijithema of erkende geloofsleus, waar naar men hen beoordeelcn, waar in men hen beftrijden kan: fchadelijk, maar verdeeld, als Simson's vosfen, vallen zij dan op het e'e'n, dan op het ander Leerftuk aan, de Eén beweert wat de ander E a ver-

Sluiten