Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X 99 X

argliftige verfchansfingen van den Racouwfchen Cate* chifmus bedreeven zijn, om onder al dien fchoonen fchijn te kunnen bemerken, dat zij de verborgenheid des Vaders en van Christus loochenden, en vijanden van het kruis van Christus waren (a).

I In-

geeve, en hij alleen zij onder den hemel, in wien wij moeten zalig worden. Hand. 4: 12. En fchoon 'er gezegd wordt, 1 Cor. 15, dat dan zal het einde zijn, als Christus het rijk Gode en den Vader zal overgeeven, en als alles hem zal onderworpen zijn, zo volgt daar niet uit , dat C. nu onze God en Koning niet is, dewijl daar bij gezegd wordt, dat hy moet als Koning heerfchen, tot dat alle dingen hem zullen onderworpen worden. Cd) Om dit te bewijzen zal ik hier het Echt Sociniaansch Sïjfihema bijvoegen , zoo als het, uit den Racouwfchen Catechismus , gevonden wordt in de Schets van alle Godsdienfien van Köchër , te Jcna, Anno 1756. 10 De Chriften Godsdienst is een weg, van GocTdoor Christus geopenbaard om het eeuwig leeven te verkrijgen, die men uit de H. Schrift, vooral het N. T. leeren moet, •waar aan wij volkoomen geloof moeten geeven als Godlijk, en zoo volmaakt, dat men in dedingen, tot zaligheid noodig, daar op alleen bevufien kan, zonder uitfluiting van de gezonde reden.

2. ) Christus is Gods Zoon, ontfangen van den Geest Gods*

en van hem geheiligd en in de waereld gezonden, en door opftanding tot een nieuw leeven herbooren. Eéngebooren, wijl hij op" eene zeer bijzondere wijze Gods Zoon is, in de gelijkheid, die'God hém aan zich gegeeven heeft , in orifterflijkheid, magt en hcerfchappij^ Hierom noemen wij hem God; vertrouwen en aanbidden hem, om dat God hem tot die Eer verhoogd heeft. Hij is een waar mensch, maar eigenlijk geen bloot, geen gevsoon mensch, Gods geest en kracht verlichtte, bezielde, beftuurde cn ontfcilde hem in woord en wandel. .

3. ) Christus is Heiland, a) Om dat hij ons de zaligheid,

en den weg daar toe, op Gods bevel verkondigd en met zijn voorbeeld geweezen heeft b.) Om dat hij , na zijne, hemelvaart, het geheele werk onzer zaligheid waarneemt/ en ze ons namaals fchenken zal. Dus hebben wij in hem — De verlosfing van cte Jlraf. Door de kracht van zijn dood, om welken te beloonen Godaan J, C. de rnagc G 2 Se*;

Sluiten