Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X u6 X

-ï, Jesus bezitten, die aan de voorfchrifren der Rede» „ klaarheid, aandrang en voorbeeld geeft." Eeven

eens,

de Volksleer aftewijken of de reden opgecven, w.aarom: in tegendeel hebbende Vrienden van Socrates, bijzonder Xenophon, altoos ftaande gehouden, dat Hij, zoo wel uit overtuiging, binnenshuis, als, om het volk, op de openbaare altaarcn, aan de Goden der Athcners geofferd heeft, en een groot Voorftander was der Wichelarij en Orakelen, ter-wijl Xenophon zelve een altaar bouwde, ter ecre vaii pinna. — Cicero was ook één der verlichtfte Wijsgeeren , maar waarom, daar hij zijne Wijsgeeren, de Nat. D. laat tjwiften Voor en 'tegen het beftaan der Goden, voert hij 'er geen één 'in, die tegen het veelgodendom twist? Onzeeker •wie God is, bij de verfchillen van Zeno en Cleanthes, ■waar van de een den kemel', de andere de zon Vóór Oppergod hieldt, Acad. Quttfi. L. 2. C. 41 of van de Rerfen, die den geheelen hcmelkreits God noemden, t«v *&kMi -xaila i>s 'Ovpeu's A7« xuï.itTes, volgens Ennius , bij 'Cic de N. D. L. 3. C. 2 & 16, en bij zoo veele andere verfchillen, weet hij selve niet, wat hij gclooven moet, L. 2. § 2. Oblitus es, quod initio dixerim, facilius me, talibus precferïem in reins, quid non fentirem . quam qüid feniirem, posfe dicere. En wat de zecden betreft: toen de Perfen, haar de wetten van Zarada , in blocdfchande leefden met Moeders, Dochters , 'Zufters, en hunne lijken door vogels en wild gedierte lieten verflinden ; toen men vrijheid meende tc hebben om zwakke en mismaakte kinderen', en de meisjes, uitgezonderd hetoudfte, te doodén of te vondeling te lessen, naar liet verbaal van Dion. Halic Ant. Rom. L. 2. C. 15, wat 'heeft die zeden befchaafd ? wat anders dan het Chriftendom ? men zie Theodoret. de curandis Gracorum affectibus Serm. «. Toen de zoo gepreezen Junius Brutus de zwaardjevechten ter eere van zijns Vaders lijkftatie hadt ingefield , en de anders zoo beroemde Trajanus 'er in 123 dagen, zonder poozen, 10.000 liet vegten.fprak Vr toen één Wijsgeer tegen ? of waren het de Chriftenen ? Lactant. de vero mltu L. 6. C. 20, TiiRTULL. de Speftae. Opp. p. i5t- Cljfrian. ad Donat. &c of wie heeft dié afgefchait dan Constant. M.? Euseb. in Vita L. 4. C. 24. -- Zcckcr is het, dat de Wijsgeeren," die na de uitbreiding van het Chriftendom geleefd hebben , Antoninus, Epictetus , Simplicius, Jamblichus, enz treflijker over God en de deugd géfprooken hebben, maar. hoe veel zij van de Chriftenen ontleend heb»

ben f

Sluiten