Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„luk heeft, zonder eenige offerhanden, of andere ,, wettifche plegtigheden, te behoeven." en men beweert, dat het alleen die Ceremonieele wet is , welke Paulus, in zijne brieven aan de Romeinenen Galatiers, buiten fluit, en, in weerwil van alles, wat de Proteftantfche Godgeleerden billijk hier omtrend tegen de Pelagiaens - gezinden hebben betoogd, dringen Semler en Teller dit nog eeven fterk. (maar zou de Apoftel ook alleen de Ceremoniën bedoelen, als hij geheel algemeen zegt, Gal, 4: 21, Indien 'er een wet gegeeven was, die magtig was' leevendig te maaken, dan zou waarlijk de rechtvaardigheid uit de Wet zijn? of wanneer Hij aan Titus, die onbefneden was, en aan de Cretenfen, die geene Jooden waren, fehreef: God heeft ons zalig gemaakt, niet uit de werken der rechtvaardigheid, die wij gedaan hadden, maar naar zijne barmhartigheid door het bad der wedergeboorte en de vernieuwing van den Heiligen Geest, den welken Hij over ons rijkelijk heeft uitgegooten door Jesus Christus, onzen Zaligmaaker, Tit. 3: 5, 6?) En wat noemen.dan toch deeze Lieden het Geloof ? Niets anders dan het aanneemen van Jesus leer, dat is van den gezuiverden Godsdienst der Reden, ontdaan van Joodfche en Heidenfche vooroordeelen en plegtigheden , en het bekeven van zijne voorfchriften (a).

En

der trouw; als iemand uit cordaatheid het geweld beiirijdt, eenen onfchuldigen uit gevoel verdeedigt, eenen armen uit menschlijkheid onderftetmt. of een drenkeling uit medelijden redt, en — voor het twerige — wellullig de onfchuld belaagt, de heiligde banden fchendt, zijnen naallcn laftert, fchelt, befpot, en, om dat hij in den Godsdienst minder nieuwerwets denkt dan hij, voor een Domoor, Dweeper, Bijgeloovigen . of Huichlaar uitmaakt, is hij dan eevenwel een Menfchenvriend? Ik meen Neen.

O) Zeer nabij koomt de befchrijving, welke de Socinianen en Arminianen voorheen van het geloof gegeeven hebben, waar over men de Sijjlhematvgrajphi kan nazien,, En

Sluiten