Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

):( 142 )':(

ïiand in Europa' één kweekfchool ftichte, waar in rh'cti voorgaf den fteen der Wijzen te zoeken, de Cabbaliftifebe en Magifche gebeirrien te weeten, gefprekken met de Engelen te hebben en de Duivelen te gebieden. In het Jaar 1527 verfpreide Caspar Schwengk^ feijD , een Edelman van Osfing in Silejïen, zoortgelijke gevoelens, wien de Canonik Crauwald, en de Prediker Werner, op het fpoor gevolgd zijn , en, hoewel onpartijdigheid - en menfchenliefde mij, op goede gronden, verpligt, hem onfchnldig te houden aan Veele dwaalingcn, die men hem te last legt, is het echter Zeeker, dat hij' eene onmidlijke Illuminatie leerde, die het ongenoegzaame der Heilige Schrift vervullen moet, en eenen inwendigen Sabbath, waar in de menfehen, alle, eigene gedachten afleggen, eene gezette en aanhoudende rust genieten, en intusfehen hemelfche ingeevingen ontfangen, zoo dat de ziel dan gezegd wordt Sabbath te houden, wanneer zij, in zicK zeiven zaamgetrokken en uitgeleedjgd, alle, bijzonder godiijke, waarheden, als in een droom ontdekt, en bij opborreling opgeeft (a). Verder weck af,- en meer

deedt

fV) Men zie van Hem Hoorneeek , de Parad. & Heterod. Weigel. p. 75 en Wkisi/ann, H. E Sec. 16. part. r. p. 1563. Conr. ScilLUSSENÖtRG , Catal. Haeref. L. 10. p. 27. In het begin volgde'h ij Luther en verzette zich tegen de' misvattingen der Roomfche Kerk, ziet Scuxtet.us, Anal. Euang. T. l. p. 237. Dan inziende de vleefchlijke gerustheid , welke veelen hadden op eene gezuiverde belijdenis, zögt hij dit misbruik tegen te gaan, en verviel daar door tof bedorven Mijflikerii, en volmaaktheiddrijving. --Onder zijne Vijanden zelts hebben veelen Zijn goed hart ,• godzaligheid, kuisheid en bidijver gepreczen, onder anderen Scultetüs, /. c. p. 169. Zelfs Bugenhagen, met hem te Wirtenberg reden-twiltendc, zeide hem: ik geloof niet, da: gij zulks uit een boos hart leert, want ik koude U voor een .vroom man. Vergel. Schwenckfeld , Opp T. 2. Ep. 4., zijne zachtmoedige befcheidenheid heeft ook den lof van Hornius, H. E. p. 3 ró en van M. Leidecker, H. E. p. 746.

Hij

Sluiten