Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X M5 X

'zorgde Hem de menfchlijke Verkeerdheid, die met ai^ wat vreemd is, ingenoomen , en zoo gaarne wat groots is, eene meenigte aanhangers, onder die was niet flechts de Edele van Helmont, in het Jaar 1577, te Brusfcl gebooren, die, ja wel den fleen der wijzen verworp (a), maar echter zijne geheime geneeswijs volgde O), en ziine allegorifche verklaaringen over Rechtheid, val, zielsverhuizing en opftanding, nog verder voortzette (c), tot dat hij, in het Jaar 1*544,

hebben in zijn Theofophisch boekje, van het overgebtecven zaad Gods in ons, enz. dat te Nieuwftad, Anno ió[8 is uitgegeeven, men leeze Hoornbeek, Summ. Controv. p. 401 en Becman, Exerc Thetl. 21. p. 245. — Dat zommigen hem voor een Tovenaar hielden was laftering, hij verklaarde zich telkens tegen de Necromantie en alle zwarte konst. Fragm. lib. de Daemoniacis & Obfcsjïs, p. 261. Se eret. Magie, de lap. Philof. p. 672. De Sagis,Jragm. i. p 258. de Charaet. p. 17%.

00 Ziet Kolbergen, Platonisch Chriftendom, P. x. p. Ip7 en P. 2. p. 200.

(O Getuigen zijn teMans fchriften, de Magnetica curatioHe vulnerum Anno 1624. De Spadanis fantibus, 162Ö. Dotrina febrium 1Ö42. Opufcula inaudita de Lijthiaji , de fe~ bribus, tumoribus Galeni & pefte. Anno 1644. Zijn Zoon gaf naderhand een vermeerderde uitgaaf zijner werkenonder den tijtel: Ortus Medicinae ,id est ,initia Phijficae inaudita, progresfus novus in morborum ultionem ad vitam longam, Auctore Jo. Bapt. van Helmont, &c. Edente auctoris filio. Franc. Merc. a Helmont. Lond. 1655.

CO V*an den inwendigen Sabbath of Zielsrust fchrijft hij ia, Traa. de Venatione fcientiarum, §9. „Ik heb, op den „ raad van eenen heiligen man, opgehouden te wenfehen , „ te zoeken en na te fpooren, en heb mij van alle ingefpan„ nenheid en zucht voor de Weetenfchappen ontbloot, en „ mij tot rust of ftilte, en armoede des geeftes begeevende . „ in den allerlieflijkften wil van God gerust, als of ik niets „ was, niet wenfehen, niet werken, en gantsch niet be„ geeren of verftaan konde, enz. " — De rechtheid en het beeld van God beftondt, volgens hem, daar in, dat God den mensch het vermogen gaf, om, eeven als God, andere weezens CZoonen), door enkele befchouwing der innigfte K «ef-

Sluiten