Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X ar5 X

Sn Bahrqt fchaamt zich zelfs niet, om den Joodfchen lafter uit de Toledoth Jefu na te fchrijven, en de geboorte des Heilands uit eene Maagd een fabel te noemen, die aan de Satijre van Johnston ée'venaart (a).

In-

mud, tij Rabbi Liepman in Nizzachon, én Rabbi Isaac in Chisfuk Êmuna, met de éénzoortige verdraaijingen indenzoogenaamden Kleinen Bijbel, waar van men denzelfden Bahrdt voor Schrijver houdt.

Qa) Men kent den lafter van Jesus geboorte, en het dwaas voorgecven, dat hij zijne Konften en Geneezingen in Egijpten geleerd heeft, uit het boek Nizzachon en Toledoth Jefu, waar tegen men lecZe Wagenseil , Tela ignea ; en dat Voltaire zich niet gefchaamd heeft te prijzen. Maar Wie verwondert zich niet, dat Bahrdt, die Doctor en Profesfor in dc Godgeleerdheid geweest is, fchaamteloos genoeg was, om het zelfde te fchrijven ; de heilige ontfangenis van Jesus te bevlekken , en hem, door Eg^ptifche Priefters en Perfiaanfche Magi, in geheime konften te doen onderwijzen? in Briefe über die Bibel in Volks-ton. Men vergelijke het Thalmudifch Traélaat Schabbas fol. 10. Col. 2 en zie eene meehigtc Joodfehe aanhalingen van dat zoort bij Eisenmenger* Entdeckten Judenihums, T. i. C. 3. p. 148. &c. Bij deeze geleegenheid herinner ik Mij bij Vriemoet, Dia. Clasf. V. T. T r. C. 4. p. 166, dcri Lafter, waar mede de Jooden Ons benoemen, in hun Gebede-boek Seder Arbah Tahanijoth. fol. 52. Col. 2. (dat nog in deeze Eeuw, Anno 1716, te Amfterdam. bij Salomon Probs; herdrukt is) en daar de Chriftenen heeren ftlll ^3 fwbv BTO SHaipft» De Verëerers der drie Afgoden, Vader, Zoon 'en Geest.— Billijk oordeelt men, dat zulke taal onverfchoonlijk is in een Jood, maar wat is zij dan wel in den mond van zoogenaamde Protcfianten? in den mond van een Bahrdt! van een Priestleij! — Hoe zeer de Jooden hier in van de Leer hunner Vaderen afwijken, die de Verborgenheid der Drie-éénheid, *£il)ï?ri Np, Raza Hafchilosch, geloofd hebben, bewijst de Heer C. S. Duitsch, in zijn onder handen zijnde ■werk , waar van ik reeds te vooren heb gefprooken, en waar uit ik alleen, uit p. 320, aanhaale de woorden van Rabbi StliON Ben Jochai , in Sohar, over Parafchn Achreëmottt^

pag. 29, coi. u6. ^jvi ftiflrV l rftm «n *m m bzx

'Hl \0 Hl üVl /ITO Koomt en ziet de verborgen-

0 4 hei 4

Sluiten