Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X: 285 x

tegenfpoed zich onderwerpen en trooften, maar hij gevoelt dat hij een Zondaar is, en de vrees, de wanhoop, de vooruitzichton verfcheuren hem: Hij wit zich met God bevredigen, maar waar mede ? met boete ? zijn hart weêrftreeft; met verbeetering ? hij kan niet; met beloften ? zij helpen niet; met vertrouwen? het is onbeftendig. Kracht, moed, troost, alles ontzinkt hem, en van alles, wat hij aanvangt, is het flot: Ik Ellendig mensch!

Zwakke zoon van Adam! diep onmagtige Zondaar! herhaal uwe proeven, gebruik alle de Godsdienstftelzels, die ooit het Vernuft bedagt, maar nergens treft gij een God-betaamend middel om U te verzoenen , een genoegzaame kracht om U te verbeeteren, of eene proefnoudende verzeekering om U te vertrooften» Dan eerst, en dan ook alleen , gevoelt men de waarde en de waarheid van het Euangelie Gods: Nu vergelijkt men zijne behoeften met de heilorde van dat Euangelie, en men vindt ze allen voldaan: daar vindt de arme zondaar en het zwakke fchepfel eenen godlijken almagtigen Verlosfer; de fchuldige doemeling een verzoenend Golgotha; de Boeteling ontfermende Genade; de onwaardige eene eeuwige Gerechtigheid; en de onvermoogende tot het goede meer dan overvloedige krachten in de werkingen van den Heiligen Geest, die boven bidden en denken doet; terwij! verzoende Vaderliefde en nooit wankelende trouw de ziel met vertrooftingen doorftroomen, die jammer noch dood verijdelen kan bij elk, die gelooft in den naam des Zoons Gods.

Geliefden ! wilt gij dan eene onverwinbaare fterkte voor uw geloof, en eene folide overtuiging van de waarheid des Chriftendoms, oeffent dan U zeiven tot Godzaligheid. Onze Beftrijders roemen (hunnes ondanks) de Zeedenkunde van den Godsdienst; dit zij U genoeg: als de Zeedenleer goed is dan moeten de

Leer-

Sluiten