Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

DE NATUURLYKE HISTORIE

kende fchatten, wat al nieuwe rykdomnien! De bloemen, de vruchten, de granen tot volmaaktheid gebracht en tot in het oneindige vermenigvuldigd; de nuttige foorten der dieren vervoerd,uitgebreid,en tot een ontelbaar getal vermenigvuldigd ;de fchadelyke foorten ten onder gebracht,binnen zekere grenspalen befloten en verbannen: het goud, en het yzer, 't geen nuttiger dan het o-oud is, uit de ingewanden der Aarde opgedolven: de ftortvloeden bedwongen , de loop der Rivieren geregeld en binnen paaien befloten; de Zee zelfs ten ondergebracht, herkend, en van het eene halfrond tot aan het anderedoorktuift; de Aarde die alomme naakbaar is, alomme zoo levendig als vruchtbaar gemaakt; in de valeijen lachende weiden gevormd, in de vlaktens koftbaar voeder aangekweekt, of nog ryker oogften ingezameld; de heuvelen met wynftokken en vruchtboomen bedekt, hunne toppen met nuttige boomen en jonge boflchen gekroond; de woeftynen in woonplaatfen veranderd, die door een talloos volk bewoond worden, 't geen door een geftadigen omloop, zich yan het middelpunt, tot aan het uiteinde verfpreidt; wegen gebaand en gebruikt, alomme gemeenfchappen opgerecht als zoo veel getuigen van het vermogen en de vereeniging der maatfchappy: duizend andere gedenktekenen van macht en roem betogen genoegzaam dat de menfeh, meefter van zyn erfgoed, de Aarde, het geheele oppervlak daar van veranderd en vernieuwd heeft, en dat hy in alle tyden het ryk met de Natuur gedeeld heeft.

Echter heerfcht hy alleen door het recht van overwinning ; hy geniet veel eerder dan dat hy bezit, en hy behoudt zyn recht niet dan door geftadige vernieuwde zorgvuldigheden; wanneer deze ophouden, zoo kwynt alles, alles verzwakt, alles verandert, alles keert onder het gezach der Natuur weder: zy herneemt hare rechten, wifcht het menfchelyk werk uit, en bedekt zyne prachtigfte gedenktekenen met ftof en mofch, vernietigt hen door den tyd, en laatheinalleen het hartenleed dat hy door zyn verzuim dat gene verloren heeft, dat zyne voorvaderen door hunnen arbeid verworven hadden. Deze tyden,in 'welke de menfeh zyn erfgoed verheft, deze eeuwen van barbaarichheid , geduurende welke alles vervalt, zyn altoos door den kryg voorbereid, en vertoonen zich gelyktydig met den hongersnood en de ontvolking. De menfeh die niets dan door liet groot aantal vermag,die nietfterk is dan alleen door de vereeniging, die alleen door de vrede gelukkig is, bezit de woede van de wapenen tot zyn onheil aan te gorden en tot zynen ondergang te ftryden: door de onverzadelyke hebluft vervoerd en door de nog onverzadelyker Staatzucht verblind wordende, zoo legt hy alle gevoelens van menfehelykheid af, keert alle zyne vermogens tegens zich zeiven, zoekt zyn geflacht te verdelgen, en verdelgt zich inderdaad zeiven, en na dat deze tooneelen van bloed en moord afgelopen zyn, wanneer de damp van den krygsroem verdweenen is, zoo befciiouwt hy met een treurig oog de verwoei!e Aarde, de konften onder de puinhopen bedolven, de natiën verflrooid, de volken verzwakt, zyn eigen geluk verdorven, en zyn we^endlyk vermogen vernietigd.

Groote

Sluiten