Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< 55 >

iijkheld zou zijn, wanneer iemand, van een zeker in' komen moetende leeven met een zwaar huishouden, evenveel van hetzelve zou moeten opbrengen, als een. ander, die, met een gelijk inkomen, zig in een tegenovergefteld geval bevond ? Of het inkomen van iemand, die in het voormalig gewest Holland woont, qua inkomen, zoo veel waard is, als dat van iemand, die in één der voormalige landgewesten leeft; ten minIten als de waarde van dat inkomen moet afgemeten worden naar het genot, welk men van hetzelve heb. ben kan?

Wij willen niet ontkennen, waarde Medeburgers l dat uwa vraagen, in den eerften opflag, zeer gefchikt zijn, om aan uwe bedenking alle mogelijke kragt te geeven , vooral door de treffende voorbeelden, door welken Gij dezelven nader aandringt. Doch het zij ons geöorlofd te vraagen , of zij wel bewijzen, het gene Gij met dezelven bedoeld hebt ? Het komt ons ten minften voor, dat uwe vragen en voorbeelden wel bewijzen, dat eene perzonele belasting naar het relatief vermogen, berekend naar eens ieders inkomen, niet volkomen op allen gelijk drukt, maar geenszins, dat zij niet wezenlijk op waare gelijkheid zoude gegrond wezen. 'Er is tog een zeer gewigtig onderfcheid tusfehen volkomen gelijke werking en wezenlijke gegrondheid op waare gelijkheid. Eene belasting kan wezenlijk op waare, gelijkheid gegrond zijn, en nogthands in hare werking niet volkomen gelijk drukken. Wij twijfelen, of 'er wel ééne belasting is uit te denken, (—onder de aanwezigen kennen wy 'er ten minften geene —) die niet, hoe juist en wezenlijk ook gegrond op waare gelijkheid, echter deze of gene ongelijke werking zal hebben, en voor den éénen D 4 bur"

Sluiten