Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

A A N II E R K 1 N G E N. 12S

binnen liep. De Nereiden (zegt hij, volgens de overzetting van den Hr. L. Stopfexdaal) fiu*en den fleren vut haere elpenbeenen borst, en r.oodzaekcn het Schip achter uit te deinzen, andere, ronden: het zelve verjpreid, lieten het op, en drijven het van den oever.

Bl. 55.

Of fchorre kikkers in den floot. Mogelijk zal men het ongerijmd vinden, dat ik hier de groove Reuzenbij eenden en kikkers vergelijk, als veel te klein en gering voor zulke ontfachelijke lighaamen, dan, behalven dat ik bij geen wetgever een verbod vindt, dat men groote dingen bij kleine vergelijke, zoo heb ik in dezen de beste en eerste Dichters tot voorgangers, de groote L. Ciufül in zijne LuGade ede zang, vergelijkt de vluchtende en in zee fpringende Mooren insgelijks bij kikvorfchen. Zie hier deszelfs woorden. „ Gelijk de waterdieren , die oudtijds Lijcie be„ woonden, vóór dat de wraek van Latona hen herfchept „ had, wanneer zij bij geval, in den oogenKik als zij bij „ een moeras rusten een gerucht hooren, dat hen ontroert, „ van vrees al kwakkende, ginds en herwaards fpringen, „ zich in 't moeras onderdompelen; aldus vluchten de Moo„ ren." waar in die Dichter den Itsijaanfchen Dante is nagevolgd , die in zijnen oden zang aldus aanheft.

Ome le rane innanzd a la re:i:icay

Biscia por Facqua fi dekgucn tutte,

Fin che a la terra ciascur.a s'aibiza.

Ge-

Sluiten