Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4 L.OÜIZA DE COLIGNY,

Vrindin! dit was de naam waarmee' hy my vereerde,

(Wat eere rs 't een vrindin van Barneveld te zyn!> Is 't mooglyk , fprak de held , dat Maurits ooit begeerdeEen' rang die doodlyk is, hoe luisterryk die fchyn'? Zie hier, zie hier den lyst van Hollands fiere graven,

(Hy deed my inderdaad myne oogen daarop fiaan;) Wil dan myn voedfterling zich aan een' rang verflaven,

Die zyn bezitters meest door zwaarden deed vergaan; In waarheid, van de geen' die ooit dien rang bekleedden,

Zyn ruim twee derde deel, door wantrouw van ons volk, Door haat der edelen, door argwaan van de Heden',

Door volk, of edelen, geofferd aan den dolk. Dees bladen, eedle vrouw! zyn Barnevelds getuigen.

Dat zo veel zucht tot ftaat uit Maurits zinnen wyk'j Dit volk is niet gefchikt den vryën hals te buigen,

De naam van opperheer is zelfs hen walgchelyk. De vryheid is 't alleen die 't als vorstin wil eeren,

Haar troon praalt in een tuin die vry is in dit land , Haar leeuw bewaakt haar hek, gevormd van fcherpe fpcren,.

Straftuigen voor den graaf, in onzer volken hand. Dit volk is voor een' graaf een' afkeer aangeboren,

De wantrouw tegen hem heeft altyd hen bezielt ;■ Die afkeer was in hen door vleitaal nooit te fmooren ,•

't Zag fchaers een'opperheer dien 't niet voor dwingland hieM. Schoon zelfs een graaf voor hen zyn fchatten moog' verkwisten'.

Zelfs met een edel hart hen grootsch ten dienst wil (taato;

Zy©

Sluiten