Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

H O E WAARE CHRIS TE N.

De Christen, dus tot rust herkoomen,

Gevoelt zijn leden afgemat, Zijn geest en driften flauwer ftroómen ,

Zijn fleur verwelken als een blad, Zijn Sappen Hollen in zijne aedren,

Zijn laatfte dag, zijn hooglle lot Ziet hij met vol genoegen naedren,

Hij rust gerust in hoopc op God. Zijn levenszon daalt in de kimmen ;• Maar om in fchooner dag te klimmen.

Geduchtfte dag der ftervelingen ,

Gij Haat 't Heelal met fchrik ter neêr;

Maar ziet uw mogenheid bedwingen Door Jezus Christus wonderleer!

Gij ziet den Christen moedig fterven, Die weet dat hij onfterflijk is, -

Dat gij zijn lichaam zult bederven, • Ter zalige verrijzenis. —

Dat hij zijn vast geloofsvertrouwen,

Verandren zal in blij aanfehouwen.

't Ge-

Sluiten