Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

E.IjaeSlïAO'PENÏS ETüZ^ lil

Zij immers zijn benevens u gefchreeven,

In 't Naamboek van de Hemelburgerij; Room drietal dan als Cherubijntjes zweeven,

Uw Zuster en vier Broeders blijde op zij. Mogt dan mijn Ziel deez nietige Aarde ontwennen »

En peinzen op uw zalig Geestendal; Mogt ik u daar nog als mijn Kindren kennen ,

Wen mij de Dood van *t vleesch ontkleeden zal»' 't Is nu genoeg, indien de Dood wil borgen,

Dat mij 't befef van uw geluk vertroost : 't Is u bekent dat ik nog heb te zorgen

Voor Echtgeuoote en een onmondig Kroost. Bevallig Kroost om u behaagt mij 't leven,

Waar 't niet om u , die nog mijn hulp behoeft, Ik wilde aan God mijn ziel ten offer geeven,

Wijl de Aarde mij nog dag aan dag bedroeft.

Dtn 14 van Herfstmaand 1 7 8 8.

TER

Sluiten