Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TA E I Z E. -43

Indien gij pp mijn reis mót vollen aandacht let.

De Lentcwaasfem uit de hoornen, De Levenwekker met zijn' ftoct, Vervoerden met een' zachtcn vloed, Ons over Maas- en IJsfelflroomen , Tot néffens Gouda in 't Klinket; ' Alwaar de tol ons hield verlet, Tot dat een tegenwind kwam gieren; Waarom ons Schip met traage vaard, Langs kromme Gouwe en Aar cn Amftcl vol van zwieren Werd voordgetrokken door een paard.

Wij moesten in dc Waereldftad, Het losfen van den graancn fchat, Tot aan den vierden dag met taai geduld verwachten : Daar was mijn lust, mijn daaglijks werk, Het bouwbeleid gereezen aan het zwerk, In all zijn pracht te aanfehouwen langs de grachten: De Zcvenftar dcr'trotfche torenkroon, De heerlijkheid der ruim gebouwde Kerken; Dc nette fchets van Romens groote werken , Daar Luther nog op 't Outcr ftaat ten toon : De Handelbeurs gewelfd met weirjche boogqt,

Waar

I ' .

Sluiten