Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nu helde 't vaartuig zonder last,

Het water fprong ter halve mast,

Hoor 't fpatten Van de boegen,

Een hagelvlaag bedekte 't licht,

Doch ik zag onverfaagd de winden in 't gezicht

Met lagchend vergenoegen:

Tot wij met neêrgeftreeken zeil,

De Zaanfluis vonden boven 't peil,

En fchikten ons tot rusten:

Het geen mij wel te ftade kwam,

Om mij in 't zinlijk Zaanerdam

Met wandlen te verlusten.

Zaanerdam bekleedt de boorden Van de zilverblanke Zaan, Reinheid blinkt aan all haar oorden, Zuinigheid is haar beftaan, Vlugge Molens, zwaare Scheepen, Die de welvaart met zich fleepenZijn de bronnen van geluk, Koopmanichap, haar ziel en leven 5 Naarftigheid, haar meesterftuk, Dit heeft Zaanerdam verheeven.

R t Aan

Sluiten