Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i8 AAN MYNE KUNSTVRIENDEN.

Myn vrienden! kiezen wy uit zulk een ruim verfcliiet Van levensftaaten, als ons oog rondom ons ziet, Uit duizend fchetfea, flechts een viertal ligte trekken, Die de Ezelsooren der beroepen ons ontdekken.

De hooge fcbool, die Gods-en rechtsgeleerdheid kweek:; Den arts en wysgeer vosmt; der kunftcn toorts ontfteektj Zien wy niet fchaars in haar geliefde vocdllerzooncn Een' drom pedanten met ccne Ezclskruin vertooncn. De rede gaat niet fteeds met weetenfehap gepaard; En 't fehoolftof Ichcnkt een' gek geenszins een'wyzen aait, Zy, die met groote drift om bcuzclingcn twisten, Ilunn' geest, hun woordenpraal, hunn' inkt onnut verkwisten; liet wezen van de zaak verwerpen voor den fchyn; Wier preéken wartaal is , wier fehriften prullen zyn; Al voeren zy den naam van fchrandxe profesfooren, Zy zyn, hoe hooggeleerd! voorzien van Ezelsooren.

Een krygsman, wien het hart van eerzucht zwelt en gloeit, By vrede door de hand der wellust flaafsch geboeid , Op 't oorlogsveld in woede en wreedheid uitgelaaten , Toont, in dien ftand, de rede en haar gebied te haaten.

Zyne

Sluiten