Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET GRAF. 53

Naauwlijks kon hij traantjes weenen,

Cf zijn zieltje vloog daar hcenen. o Gelukkig fterveling!

Reiziger uit 's levens kring!

,, Slaap hier tot den jongften morgen ;

„ God zal voor uw ftofjes zorgen,

„ Tot gij weêr, door Jezus kragt, In het leven wordt gebragt. *— Naast dien kleencn , bij dien grijzen,

Liggen afgeftorven wijzen,

Ligt de knedht met zijnen heer,

In het fombré graf ter neer:

Hier ook ritsten de echtgenooten,

Afgefnecden huwlijkslooten;

Hier de wreevle weerpartij,

Rustende aan zijn twisters zij:

Hier zijn armen; hier zijn rijkerfji

Allen, in dees doodfche wijken *

Menglen zich, nu lotgemeen,

Orivèrfchillig onder één:

Uier, hier liggen bekkeneeleit,

Menfchenfehonken, andre deelen3;

Aas voor 't vraatigc ongediert',

Dat Uier heen en weder zwier?,

D 3 Hier

Sluiten