Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i58 DRIE DAGEN.

Als uw genade mij door uwen geest bezielt, Dan leg ik, bij dat woord eerbiedig neêrgeknield, Mij voor uw' Rijkstroon neêr, gebogen voor uw voeten , Om U al fmeekcnd met mijn fül gebed te ontmoeten: Mijn klaag - of dankftof klimt dan van uw voetfchabélj TotU, in't Hemelhof, o dierbre Emmanuël! Och ! geef mij die genade, om in uw Bijbelblaaren Op uw Verrijzenis, door 't Heilgeloof, te ftaaren! Triumf! dit was de dag, de vreugd der Christenheid £ Om 't zalig heil, dat haar door Christus is bereid. —

Hoe vrolijk rees die dag aan Kanaans Oosterkimmen! • Wij zien de gouden zon allengskcns hooger klimmen , Maar, och! Wat fchitterglans! die al heur' glans verdooft, Daalt van den hemel neêr ? Ik ben van moed beroofd, Om op,te zien naar 't licht, ik voel het aardrijk beven. Geftorven Lcvensvorst! 0 Leven van mijn leven! Och! fterk mij door uw' Geest! en wilme uw hulpe biên! Uw liefde hoort mijn beê : ik mag dat licht bezien, o Wonderlijk gezigt! 'k zie een der Cherubijnen, In 't zuiverde gewaad, bij 's Heilands Graf verfchijncil , Het welk de Soudeniers op 't eigen oogenblik , Verhaten door de vrees, geprangd door angst en fchrik* Wat blijde dag,-mijn ziel, uw Heiland is verreezen! Triumf, voor eeuwig moet zijn glorie zijn gepreezen?

Zijl

Sluiten