Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< 3» >

tleres een ongemeenen glans te geeven. De eerfte Drukker die het ondernam, die kleur aan zijne letters te geeven, die martin op de tabatieres lag, zou een roem erlangen, welke dien der Elzeviers en Blaauwen verdoofde. In 't begin zou men om. zulk een boek lagchen, want dit is de mode; allengs 'er aan gewoon zijnde, zou men geen zwarte letters meer kunnen dulden. — Toen in 't midden dezer eeuw een Heertje, geheel in 't groen gekleed» zig vertoonde, noemde men hem, fpotswijze, de papegaaij, maar die papegaaij maakte fchielijk meer papegaaijen, want elk, die niet fans gout wou zijn, kleedde zig in 't groen. — 't Hairzakje, de Haart, linten, ( O hoeden en fchoenen onzer heertjes zijn

ook

(I) De verandering, die den aüteur in de kleur der Hoeden en Schoenen wenscht, heeft reeds plaats. Ronde witte hoeden, met een gekleurd pnt en doublure de foye zijn thans algemeen. Bij de dames is het een nog algemcener gebruik, dog met dit onderfcheid, dat 'er pluimen op Zijn.— Als men nu een heertje op zijn fargon ziet van verre, met zulk een hoed, en een verwijfd gezigt, ziet men hem meer voor een vrouw dsn man aan. o Tempora! o mores! — in den zomer draagt men, wan.

dele^-.

Sluiten