Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

166 MENGELPOËZIE.

Waarom zou' men zijn plichten kluiftren

Wen 't gloeijend vuur der liefde woed? Waarom uw blinkende eer verduiftren, Die fpoorflag van uw' heldenmoed? Toen 't doodgejuil der moordtrompetten Weleer den vreemden ftaal deedt wetten,

Om vrijheid in 't gareel te flaan, Toen kon geen vrees de volks -item fmooren; Maar liet, als 't heldenfein, zich hooren, „ Wij fneeven met oranje of ftaan."

En zouden nu bataaven beeven,

Befchaduwd door het heilig recht, Te toonen om voor uw te leeven,

Ofichoon 't geweld dit hun ontzegd ? Neen, willem: Neêrlands burgerijè'n Zijn wel getergd van alle zijé'n,

Maar niet geheel door haat verpest; En, moest de nood getuignis draagen, Er zouden duizenden zich waagen

In dit verdeeld gemeenebest.

Mocbt

Sluiten