Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

264 MENGELPOËZIE.

Vivat haar doorluchte telgen!

't Paerlental der edle belgen, In'wier borst de vrijheid woont;

't Heilig oog der hemel kringen

Strekk' ten fchaauw van zegeningen

Dat hun tijdbre welvaart kroont. „ Hoor, almachte! d'eendrachts eeden, „ Die 't gewest der zaligheeden

„ Van ons hart cn lippen vangd! . . . „ Uwe Serafs zeggen: amen, „ Op de heilklank hünner naamen —

m Daar hun zucht aan de onzen hangd „ Eeuwig — eeuwig blijv' Oranje „ Met den weerglans van Germanje,

„ De juwcelknoop van onze eer! „ En zo 't nijd-fpook deezer landen, • „ Immer hun weer aan mocht randen ,

„ Kluifier 't dan in d'afgrond neer.".

TER

Sluiten