Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

?« H U G O- e r, GROOT.

Tot driewerf laat zij zich tot aan de deur geleiden;

Dan, daar zij'tfnikken van haar dierbrtn halsvriend hooit, Voerd liefde haar te rug, terwijl zij troostloos fchreiden ,

En hun vereende fmart, de koudfte ziel doorboord. -

In 't eind, noopt Hugo haar de trouwe maagd te volgen,

Nog eens omhelst hij haar, de droefheid boeit zijn tong, Hun flcm word, telkens, door 't beklemde hart verzwolgen,

Terwijl de tijd hen tot de laatfie kusch reeds dwong. Maria moet zich uit zijn knellende armen fchcuren ,

Hij drukt elk vleiend kind, aan 't gloeiend vaderhart. Hij oogt hen weenend na, en blijft angstvallig treuren;

Zijn van de Velde alléén deelt in zijn boezem fmart. „Ach! barst hij cindlijk uit, tot welk een grievend lijden,

„Heeft wraakzucht mij gefpaard, 6 zaalge Barneveld! „ Ach ! zaagt gij thans uw vriend, met zoo veel jammren llrijden, „Hoe treft me elk oogenblik het fnoodst- het wreedst geweld! „ Van vrije lucht berooft, door 't Vaderland verlaaten ,

„Hier, eenzaam op een Hot, dat wendende eeuwen tart, „ De dierbaarfle Echtgenoote , op last van Neêrlands Staaten , „Aan mij ontrukt, of hier gedocmt totjnttre fmart!....

„ Drfar

Sluiten