Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'*W HUGO de GR O O T.

Terwijl natuur zig mag met zilvren waafem tooien ^

Op 't plechtigst zinkt in d' arm , der zwijgende eeuwigheid , Ja, Hugo ! 'k zie uw heil in 't lagchend oosten bloozen ,

Gints op een morgenwolk , met dagend goud omboord, BevalliS>opgefierd, met malfehe lenteroozen,

Verheven Christenheld ! drijft uw verlosfing voort, He nog onzichtbre zon voert, oP gebogen frraalen ,

Uw vrijheid aan, ja, eer het licht bezwijmt in 't west, > Zult gij in Brabands lucht een ruimen adem halen ,

Daarkoopmanfchap u groet in haarberoemdlte vest (» , He Dienstmaagd had bevel zoo ras het daglicht gloorde, Moest zij verfchijnen bij haarfthrandere Mevrouw, Van wie zij thans deez' taai vol van be wondring hoorde :

„ Wel aan , 't geld nu 't bewijs van fiere moed en trouw, „ Gij weet, gij moet deez' dag naar Gorkum u begeven ?

„ Dit Koffer moet bezorgt aan 't huis van Daatzelaar; „ Doch hoor het ware doel; zal 'tjonge hart niet beven ,

„ In 't grootsch , het Mout beftaan bij 't nadren van gevaar? n 't Befluit is om uw lieer in deeze kist te bergen!

„ Hij heeft reeds veel te lang vergeefse!, om hulp gezucht, W AsTwunif, »' Gy

Sluiten