Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

£44 HUGO de GROOT.

't Befluit is reeds bepaald, dit flreeld in 't kwijnend derven

Zijn moeders lijdend hart, 'k zie al zijn vriendendoet, Nu zij hun' liefden wensch , na zoo veel fmart verwerven,

Door dankbre vreugd verrukt,hoe blaakt de kracht van 't bloed Li dierbre Maagen ! 'k zie de vriendfchap traanen plengen,

Van dankbren wellust, ja 't geheim fnelt vluchtig voort, 'k Hoöï zig den vloek der wraak met dankbre toonen mengen ,

Terwijl Prins Fredrik zelf't befluit goedkeurend hoort. Mijn Hugo ! voelt ge uw ziel niet door ontroering gloeien,

Bij eiken dag, die u het tijddip nader voert, Dat liefde en vriendfchap u in 't Vaderland zal boeien,

Daar telkens 't denkbeeld u def ballingfchap ontroerd. Houd moed, mijn Christen, zou ooit de onfchuld angdig beeven?

Begundigt 't hoog gezach niet heimlijk uw bedaan, Hoe veilig mag niet elk verbannen Leeraar leven,

Op zijn geboortegrond, kom, vriendfchap lagcht u aan , Vlieg in haar arm, dan , ach, uw fcheiden kost reeds traanen,

In Frankrijk, daar ge al 't zoet van 't gastvrij leven fmaakt, 'k Hoor hoe Condé , vol fmart, gints in Verfaljes laanen,

Om 't fcheiden van zijn' vriend beklemde zuchten flaakt,

Ma-

Sluiten