Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZESDE ZANG, 24* Maria voelt de vreugd in 't hijgend hart herleeyen,

Zij haakt om 't dierbaar kroost, op hun geboortegrond, Het juiste denkbeeld van het vrij belTaan te geeven ,

Om hen te omhelzen, daar eens 't wanklend wiegje ftond; Dan, haar Cornelia, ontgloeid door zuivre liefde,

Blijft aan het Franfche rijk door d' engften band gehecht, Haar' trouwen Mombas, die haarzuivren boezem griefde,

Heeft zij onwrikbre trouw voor eeuwig toegezegd, De herfst deedt reeds de vreugd op 't veld in fl uimring zinken ,

Toen de Egae van de Groot, met haar bcminlijk kroost, De Zeeuwfche duinen weêr in 't blauw verfchiet zag blinken , Haast volgt haar echtgenoot, eer nog de Wijnoogst bloost, En zingend darteld , langs de vruchtbre heuveltoppen,

Is Hugo tot dpn tocht naar Nederland gereed, Hoe voelt hij 't dankbaar hart door fombre droefheid kloppen ,

Hij ziet de wreede fmart, het zieldoorgriev^nd leed Van trouwe vrienden , die in Frankrijk hem beminnen ,

De Koning bied als vriend, als vorst, zijn' bijftand aan, „ Kon \k door voorfpraak iets op wrevlen haat verwinnen, „ 'k Wil alles voor de Groot, dien ik waardeer, beftaan."

Q 3 (Dus

Sluiten