Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< <J )

een mensch uit tvve kwaden het ligtfte, en on. dergaat gewillig enige fmart , om groter onheil te voorkomen. Het moge nu en dan fchynen, als of hy het met zig zeiven /legt mene, en zyn eigen vyand zy; nimmer echter is dit het geval, en a tyd rust de daad op een zekeren grond, waar uit blyken kan, dat een iegelyk zig zeiven lief heeft. (***).

De mensch kan nog meer doen : hy kan , namelyk , op ene zinlyk-redelyke wyze handelen. Dit zegt vry wat meer. De zinlyk verftandige gaat met overleg te werk, volgends begrippen der ervaring. Maar rede is hooger dan verf tand, en duidt een vermogen aan, om algemene begrippen te vormen, welker voorwerpen door de zinpen niet kunnen waargenomen worden. Deze foort van begrippen noemde plato oudstyds idéën : in welke meer bepaalde betekenis de Heer kant dit woord , in onze dagen , wederom heeft in gebruik gebragt. Zulk een idè, voor de rede hVgts denkbaar , maar in gene zinlyke aanfchouwing, of ervaring, aantetreffen, is, by voorbeeld , gelukzaligheid , dat is , een ftaat, in welken alle neigingen volkomen bevredigd, alle

doelt

(•**) IbiJ 10.

Sluiten