Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4 ( XII )*•

doch hunne zwak'e en hinkende navolgers verdienen

niets dan veragting! Mij dunkt, dat de

waare nederlandfche manier, als ik haar zoo eens noemen mag, het meest gefchikt is, voor Vaderlandfche gezangen ; ik wil niet zeggen, dat men een flaaffihe navolger der oude manier zijn moet: neen! maar dat de Putheid, vastheid en rondheid, die dikwijls zoo voortreflijk, in de Jlukken onzer oude dichters, uitblinken, zeer noodzaaklijke vereischten zijn, in een Vaderlandsch gezang. Door Vaderlandfche dichtftukken geheele onbekende vaersmaaten intevoeren,zou, dunkt mij, een verkeerde ftaaikunde zijn; om den/maak, in dezen,

te verbeteren moet men ecu' anderen weg injlaan. • Wanneer men zegt: die, of die Natie heeft fmaaki dan heeft men alleen het oog, op dat gedeelte, 't welk zich bizonder aan den Jlaat der fchoone wetenfehappen laat gelegen liggen, en verftands genoeg heeft, om de voordkrengzels der fchoone vernuften, wijsgeerig te heöordee.

Sluiten