Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C69)

Alleen, wanneer mijn moeder fchreide,

Gevoelde ik mijne blijdfcbap niet; Doch, weenende aan heur' hals te hangen

Vergrootte wéér mijn zaligheid! Ach! waar het denkbeeld van die dagen

Ook, met die dagen, weggevloeit! Dan zou ik, in de donkre toekomst,

Nog fchimmen van genoegen zien! •

Maar zou mijn ziel nog langer klagen?

Die klagten zijn ondankbaarheid! Mij groeien, bij de fcherpe distels,

Ook lieve bloemen, op mijn' weg! Dat dan de verre toekomst wijke ■

Zich, in een' donkren nagt, verberg; Mijn vriend, zou ik de zon miskennen,

Die nog mijn fombcr pad verlicht? E 3

Sluiten