Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op ROZENDAAL. io«>

En hij, die daar in 't woest gedruis

Der baaren, dondrend fpreekt, Zegt hier in 't lisplen deezer bron

„ Ik ben oneindig goed." Wat is 't hier roerend doods en ftil!

't Is of ik mijlen ver Verwijderd ben van al wat leeft;

Zoo ftil als hier, is 't graf; Geen windje zweeft dóór 't luistrend bosch*

'k Hoor, ftilte! uw plechtig lied... Daar fluit de merel! en zijn toon

Weérgalmt door 't holle bosch. Geen plekjen in deez' ganfchen oord

Heeft zoo veel majesteit Als gij, o diepe ftille bron!

Op 't oude Rozendaal. Gij waart, ware ik nog als voorheen,

Mij een betovrend oord, Nu zegt uw fombre ftilte mij

Dat ik hier eenzaam ben. Weet gij nog, beste vriend! hoe wij

Eens zaten aan die bron? Toen was 't hier niet zoo aküg ftil,

Maar tog niet minder fchoon.

#

ï N

Sluiten